Rock your boat baby, Fast and Forward

Ik ontdoe jou van je gewaad. Eerst je top, ja, fok, die gaat naar beneden. Dan de rest. Toe maar. Mijn kornuiten helpen je terwijl ik jouw koers bepaal deze donkere avond. Gezamenlijk brengen wij je in beweging. Heen en weer, gestaag, steeds iets sneller. We gaan vooruit. Wij laten alles achter ons en gaan de nacht in. 
Zal dit de gedachte zijn geweest van de schipper op de FastForward, een FF 65? Helaas ken ik nog niet alle leden van de watersportvereniging bij naam en gezicht. Anders had ik het gevraagd. Zijn keuze om de zeilen naar beneden te brengen en de boot wiegend vooruit te stuwen, werkte op de avond zonder wind.

Tja, wat doe je op een zeilboot als er geen wind is? De vraag is zeker op elf schepen gesteld deze woensdag. Havenmeester Hendrik deelde onlangs zijn wijsheid: “De wind staat altijd goed. Het gaat erom wat jij ermee doet.” Dus daar doen wij het mee.

De stemming is gebroederlijk. Lachsalvo’s reiken over het water. Nadat ik het grootzeil omhoog heb getrokken bij de mast, ontvang ik een kop koffie. De Hodspur (Humphreys One Design 35) spurt langs met een lachende Patrick achter het roer. Op de Festa eten ze taart ter gelegenheid van een verjaring. “Wedstrijdzeilen is oorlog op het water, Madeleen. Daar is niets romantisch aan”, werd mij onlangs verteld. Ik ben het eens. Behalve vandaag.

Na een uur varen starten de eerste motoren. De Salona vaart terug. Zij zijn klaar met het dobberen en gaan voor Van Dobbe. Onze radio gaat aan. Hard house schettert over het water. We lachen en dansen op het schip onder de sterren met een briesje wind in het grote blauwe zeil. Nog onwetend dat het ons overwinningsfeest is. Want wat blijkt? De Boekanier eindigt als derde!
Rock your boat baby! Dat werkte ook voor ons.

Ga jij maar hiken!

19.45 uur. De starttoeter schalt. De zeilen staan afgesteld en we passeren als eerste de startlijn. De boot snijdt door het water. Mijn blik dwaalt af naar achteren. Door de open achterkant zijn de golven zichtbaar die de boot achter zich laat. De tekeningen in het water verraden een hoge snelheid. Net als de achterblijvende concurrerende boten. Goh, zeilen op een Salona 41 is heel anders dan op een Optima 101.
Rik en ik varen mee met de havenbaas. “Madeleen, jij trimt het grootzeil vandaag.” Kijkend naar het immens grote zeil val ik letterlijk en figuurlijk bijna achterover. Hoewel de regen net niet meer valt, waait het behoorlijk. Hoe soepel de Salona ook vaart, kracht zal nodig zijn. Behendigheid wellicht ook.

Rik bij de grootschoot, ik bij de traveler. De eerste manoeuvre komt eraan. Vol overgave zet ik het grootzeil naar de andere kant van het schip. Hoewel, dat is de bedoeling. Met het touw in mijn handen, glijd ik uit en lig ik languit, gestrekt in de kuip op mijn rug. “Madeleen, ga jij maar hiken”, luidt het volgende bevel.

En daar zit ik dan. Naast twee mannen aan de hoge kant van de boot, ver weg en uit de weg van alle lijnen. Met ons gewicht trachten we de boot platter in het water te duwen. Kou treedt in. Het oude zeilpak houdt dat niet tegen. Toch brandt het innerlijk vuur. Wat een snel schip. Voelbare kracht, groot en gracieus. In gedachte vaar ik op mijn eigen boot richting Caribisch gebied en verder…
Ooit… Eerst finishen en afmeren.